Cyberpesten op school

Hoe omgaan met dader?

Niet alleen de slachtoffers van cyberpesten hebben nood aan ondersteuning. het is ook belangrijk om vanuit de school ook de pestkoppen aan te spreken, mits de slachtoffers daarmee akkoord zijn. Maar hoe zorg je voor een constructief gesprek?

Denk goed na over je aanpak

Er zijn 2 manieren om in gesprek te gaan met daders van cyberpesten:

  1. Confronterende aanpak. In dit geval confronteer je de dader met wat hij of zij gedaan heeft. Toon bewijsmateriaal (bijv. screenshots) of laat iemand aan het woord die getuige was van het pestgedrag. Eventueel kan je ook de link leggen met het schoolregelment en de wetgeving. Leg uit dat het gedrag meteen moet stoppen.
  2. Niet-confronterende aanpak. Bij deze oplossingsgerichte aanpak focus je niet zozeer op wat de dader gedaan heeft, maar kijk je vooral vooruit. Wat is er nodig om het pestgedrag te stoppen? Misschien moet je de dader hulpmiddelen aanreiken?

Bekijk op voorhand welke aanpak het meest aangewezen is en hou je daaraan tijdens het gesprek.

Maak er een dialoog van

Kies een goed moment en een geschikte plaats uit om met de pestkop in gesprek te gaan. Bekijk daarnaast of het ook nodig om de ouders van de dader aan te spreken. Let erop dat het gesprek geen monoloog wordt: geef de pestende leerling de kans om zijn of haar betrokkenheid toe te lichten. Maak ruimte voor de gedachten, gevoelens en wensen van de dader.

Laat de dader zijn of haar verantwoordelijkheid nemen

Maak duidelijk dat de cyberpestkop nu enkele stappen moet zetten om de veiligheid van het slachtoffer opnieuw te garanderen en de schade te beperken. Je kan ouders en andere steunfiguren van de dader raadplegen om een aantal herstelgerichte maatregelen te bepalen.
Met toestemming van het slachtoffer kan je ook de impact van de pesterijen in kaart brengen. Bespreek de nadelige gevolgen voor zowel het slachtoffer als de pestkop. Dit kan de dader motiveren om zijn of haar verantwoordelijkheid te nemen.

Stel samen een herstelovereenkomst op

Stel een herstelovereenkomst op waarin je het engagement van de pestkop duidelijk neerschrijft, samen met de namen van zijn of haar steunfiguren. Vermeld ook de termijn om de gemaakte afspraken te realiseren en plan alvast een vervolggesprek om de maatregelen te evalueren.
Aarzel niet om de dader hulp aan te reiken in de vorm van een coach of leerlingenbegeleider. Het is belangrijk dat ook pestkoppen weten dat ze er niet alleen voor staan.

Hoe omgaan met slachtoffers?

Het vraagt veel moed om als slachtoffer van cyberpesten hulp te zoeken. Vertrouwt een leerling op school je toe dat dit hem of haar overkomen is? Probeer hem of haar dan zo goed mogelijk te ondersteunen. Lees hier hoe je dat best aanpakt.

Maak tijd om te luisteren

Zorg dat je de tijd kan nemen om met de leerling in gesprek te gaan. Moet je net naar een vergadering of wacht er een andere klas op jou? Plan dan meteen een geschikt moment in om dit samen in alle rust te bespreken. Maak daarbij duidelijk dat je het heel belangrijk vindt om het hierover te hebben.
Heb je het nieuws over het pestgedrag niet via het slachtoffer zelf, maar op een andere manier vernomen? Neem de leerling dan even apart en vraag of hij of zij het hierover wil hebben.

Neem het verhaal ernstig

Laat de leerling tijdens het gesprek zoveel mogelijk aan het woord. Luister wat er precies speelt en prijs de leerling om het probleem bij jou aan te kaarten. Let erop dat je het verhaal ernstig neemt, wat de situatie ook is, en zeker niet aan victim blaming doet. Integendeel: wijs op de verantwoordelijkheid van de pestkoppen en omstaanders.
Stel vragen aan de leerling om een zo goed mogelijk beeld te krijgen van de situatie. Wie is er verder op de hoogte van de situatie? Heeft de leerling zelf al stappen ondernomen om het pesten te stoppen?

Stel samen een stappenplan op

Benadruk dat de school er alles aan zal doen om de veiligheid en het vertrouwen van de leerling te herstellen. Bekijk samen welke stappen er mogelijk zijn en wat de leerling wel of niet ziet zitten. Een aantal mogelijkheden:

  • Vermijd dat de dader het slachtoffer online kan lastigvallen. Laat de leerling de dader blokkeren op sociale media en op zijn of haar smartphone.
  • Breng steunfiguren van de leerling op de hoogte. Licht vrienden of ouders in over de situatie, al dan niet samen met de leerling. Benadruk dat de leerling hun steun nodig heeft.
  • Ga in gesprek met de dader en/of de ouders van de dader. De leerling kan hierbij aanwezig zijn, maar hij of zij kan er ook voor kiezen om dit aan jou over te laten. Het kan zijn dat slachtoffers bang zijn om de dader te confronteren. Kies in dat geval voor een niet-confronterende aanpak, zoals een klasgesprek over pesten.
  • Organiseer een tussenkomst op klasniveau. Betrek de klas bij de situatie en bespreek in groep het probleem. Dit kan op verschillende manieren: laat je inspireren door de steungroepaanpak, de herstelcirkel of de klasthermometer.
  • Geef les over cyberpesten. Als de leerling de situatie liever niet in de klas wil bespreken, kan je wel een algemene les geven over cyberpesten. Benadruk daarbij het belang van omstaanders om pestsituaties een halt toe te roepen.

Rond het gesprek met de leerling af door de gemaakte afspraken te overlopen. Wie gaat wat doen, en tegen wanneer? Herhaal nog eens dat het slachtoffer er niet alleen voor staat.

Vermijd toekomstige pesterijen

Je kan de leerling niet garanderen dat de pesterijen voorgoed voorbij zullen zijn. Wel kan hij of zij een aantal zaken doen om het risico op toekomstige pestsituaties te beperken. Met deze tips kan je jezelf online beschermen tegen cyberpestgedrag.

Maak Oefening 1